De gemeente Utrecht heeft een informatief boekje over het leven van Paus Adrianus gemaakt. Met daarin een wandeling beschreven langs plekken die verbonden zijn met het leven van de Paus. Klik op de afbeelding om het boekje te downloaden.
De machtigste Utrechter ooit: paus Adrianus VI
Ik mag hem stiekem wel, onze Utrechtse Paus Adrianus VI (1459-1523). Misschien wel omdat ik mezelf een beetje in hem herken; plichtsgetrouw, idealist, een twijfelaar, ingetogen. Misschien ietwat wereldvreemd, maar spiritueel klinkt beter. En allebei leven we in tijden waarin de wereld op zijn kop lijkt te staan...
Het had niet veel gescheeld of Adriaan was zelf op zijn kop gezet. Een standbeeld met zijn voeten in de lucht en zijn hoofd naar beneden. Dit zou de taak symboliseren die Adriaan op zich nam; het omdraaien van de kerkelijke organisatie waar corruptie de norm was. Maar zover kwam het niet... Anno Dijkstra, de kunstenaar van het bronzen beeld, maakte toch een nieuw ontwerp. Een geslaagd kunstwerk naar mijn mening. Een standbeeld dat vragen oproept: Wie is deze man? Wat gaat er in hem om? En wat heeft hij eigenlijk gedaan?
Adriaans jonge jaren
Adriaan werd geboren in een huis op de hoek van de Oudegracht en de Brandstraat. Hij kwam uit een gegoede familie van timmerlieden en aannemers. Aannemelijk is dat de jonge Adriaan in Zwolle de stadsschool bezocht. Daar kwam hij in aanraking met het gedachtegoed van de Moderne Devotie, een religieuze stroming die terug wilde naar de essentie van het christelijke geloof. Bij de Moderne Devotie staat een vroom, sober en aan god gewijd leven centraal. Geert Grote en Thomas a Kempis zijn de meest bekende vertegenwoordigers van deze stroming.
Na zijn opleiding in Zwolle ging Adriaan theologie studeren aan de Universiteit Leuven. Hij promoveerde, werd hoogleraar, en uiteindelijk, vanwege zijn intelligentie, integriteit en aanzien, in 1515 benoemd tot rector van de universiteit. Misschien wel het meest bepalende moment in zijn succesvolle carrière was dat hij door Margaretha van Oostenrijk, landvoogdes van de Nederlanden, werd aangesteld als leermeester van de 7 jaar oude Karel. Deze Karel groeide op en werd de beroemde keizer Karel V, die over een groot deel van de wereld zou regeren. Adriaan ontwikkelde een vriendschappelijke en vertrouwelijke band met Karel V, en werd door hem benoemd tot bisschop in Spanje, kardinaal, en tenslotte gekozen tot paus in Rome.
Het conclaaf
De pauselijke verkiezing (conclaaf) in januari 1522 verliep verre van vlekkeloos. De kardinalen die bijeen waren gekomen (Adriaan zelf was in Spanje gebleven) bleken sterk verdeeld in hun opvatting over wie de beste opvolger van Leo X zou zijn. Dit leidde tot ellenlange en vruchteloze onderhandelingen die alle daar aanwezig dodelijk vermoeiden. Na tien stemrondes was er nog steeds geen kandidaat die een tweederde meerderheid achter zich had staan, en het conclaaf leek te verzanden in een uitzichtloze patstelling. Een doorbraak ontstond op 9 januari, toen als bij toeval de naam van de onbekende kardinaal Adriaan naar voren kwam; “Just to waste the morning,(...)”, memoreert de Italiaanse staatsman Guicciardini over dit moment. Om onverklaarbare redenen ontstond er die ochtend een soort groepsgeest in het conclaaf en werd Adriaan van Utrecht verkozen tot nieuwe Paus. Het was een uitkomst die alle daar aanwezigen verbaasde, en daarom werd het voorval maar geïnterpreteerd als een soort van goddelijke interventie.
Sodom en Gomorra in het Vaticaan
Adrianus VI werd de opvolger van paus Leo X. Een paus die bekend stond als een hedonist, en aan wie de beruchte uitspraak "God gave us the papacy – let us enjoy it" wordt toegedicht. Grootschalige jachtpartijen, extravagante processies, theatervoorstellingen, gokfeesten en uitbundige banketten werden allemaal uit de schatkist van het Vaticaan betaald. Talloze opdrachten gaf hij aan zijn favoriete kunstenaars Rafael en Michealangelo (van Da Vinci moest hij niks hebben). Als huisdier hield Leo X een witte olifant (begraven in het Vaticaan), en als er gasten kwamen dineren at men van gouden borden die daarna uit het raam werden geworpen.
Bekostiging van deze uitbundige levensstijl vond plaats door de handel in aflaten en door verkoop van kerkelijke
ambten. Leo X liet het Vaticaan op zijn sterfbed zo goed als bankroet achter. De staatsman en filosoof Machiavelli trok daaruit de conclusie dat
“ the nearer people are to the Church of Rome, which is the head of our religion, the less religious are they.” Een conclusie die ook de opstormende Luther had getrokken en hem uiteindelijk op een breuk met de kerk deed aansturen.
Adrianus VI aan de macht
In dit door-en-door corrupte wespennest kwam de toegewijde en sobere Adriaan aan het hoofd te staan. Hij zag de misstanden in de kerk en was zich bewust van de bedreiging die Luther met zijn protestantse beweging vormde. In zijn poging de kerk te ´zuiveren´ en de eenheid te bewaren, voerde Adrianus VI een beleid gebaseerd op hervormingen, maar tegelijkertijd trad hij streng op tegen afvalligen. In een samenleving gekenmerkt door corrupt bestuur, religieuze polarisering, een dreigende Turkse inval, en geteisterd door pestepidemieën, had hij echter een kleine kans van slagen.
Aangekomen in Rome begon Adrianus VI met het doorvoeren van hervormingen. Het was uit met de pret en afgelopen met alle theatervoorstellingen en feesten in het Vaticaan. De kunstenaars Michaelangelo en Rafael werden weggestuurd, en vervangen door de schilder Jan van Scorel die een meer sobere stijl had. Aan kardinalen werd opgedragen hun baarden af te scheren, want deze waren statussymbolen geworden (hoe langer hoe beter). En langzamerhand begonnen de kardinalen te beseffen dat ze een paus hadden gekozen die niet hetzelfde dacht over het geloof als zij.
Er begon een steeds grotere weerstand tegen de maatregelen en de positie van paus Adrianus VI te ontstaan. Ook Romeinse burgers moesten steeds minder van deze barbaarse (want Noord-Europese) paus hebben. Adriaan liet alle naakte beelden in de stad Rome bedekken met gipsen blaadjes. En toen hij het idee opvatte om de schilderingen van Michaelangelo in de Sixtijnse kapel te laten oververven (want er waren blote engeltjes te zien), zakte zijn populariteit tot een dieptepunt.
Tot een opstand of moord op Adrianus VI is het uiteindelijk niet gekomen. Anderhalf jaar nadat Adriaan tot paus was benoemd werd hij plotseling ziek en stierf (mogelijk een nierfalen). De kardinalen en Romeinse burgers waren er niet rouwig om en voelden zich verlost. Adrianus VI kreeg geen laatste rustplaats onder de Sint-Pieter in het Vaticaan, de gebruikelijke begraafplaats van pausen, maar zijn graf is te vinden in de Santa Maria dell' Anima. Hij werd opgevolgd door Clemens VII en 455 jaar lang werden er alleen maar Italianen gekozen tot paus.
Beeldvorming van paus Adriaan VI
Staand voor het standbeeld van Adrianus VI op de Pausdam, is het bijna onvoorstelbaar voor welk een uitdaging de in zichzelf gekeerde man in monnikspij stond. Het bronzen beeld van maker Anno Dijkstra op de Pausdam lijkt vooral de innerlijke leefwereld van Adriaan te weerspiegelen. Ingetogen, kalm en contemplatief. Opvallend is dat er in Spanje een ander standbeeld van Adriaan staat. Eéntje waar hij juist is afgebeeld als een daadkrachtige leider. Twee kanten van dezelfde man waartussen een bepaalde spanning voelbaar is.
Deze dualiteit is ook terug te zien in het oordeel dat schrijvers over Adriaan hebben. Twan Geurts schreef het boek De Nederlandse Paus (2017), waarin Adriaan naar voren komt als toegewijd hervormer die trouw was aan het christelijk geloof. Hij wordt geschetst als een kritisch denker in lijn met het gedachtegoed van de Moderne Devotie. Zo was zijn advies ten tijde van de Spaanse veroveringstochten in Zuid-Amerika, om het geloof van inheemse stammen te respecteren. Bovendien was Adriaan de eerste die misbruik in de kerk erkende en een pauselijk Mea Culpa uitsprak. Hij lijkt een toonbeeld van zelfreflectie te zijn in zijn uitspraak: ¨Wij weten dat er in deze Heilige Stoel al gedurende enkele jaren veel verwerpelijk is geweest (…) En het is geen wonder dat de ziekte van het hoofd af naar de ledematen, van de pausen naar de andere, lagere geestelijken is afgegleden,...¨. Het doel van Adrianus VI was de kerk bijeen te houden en deze van binnenuit te hervormen.
Daarentegen oordeelt Ewald Vanvugt, auteur van het boek
Roofstaat
(2015)
bikkelhard over Adriaan, en noemt hem mogelijk de ´grootste schurk van Nederland.´ Adriaan stond aan het hoofd van een door-en-door corrupte kerk. Het was een organisatie waar geprofiteerd werd van maatschappelijk zwakkeren. Een instituut waar alles draaide om macht, roem en geld. Adriaan was grootinquisiteur en eindverantwoordelijke van een organisatie die ketters vervolgde. Nog niet op zeer omvangrijke schaal, maar de basis werd onder zijn bewind gelegd. Toen Adriaan bestuurder was van een aantal Spaanse regio´s, kondigde hij een banvloek af op de geschriften van Luther. Het bezit ervan, lezen en het verspreiden van onwelgevallige geschriften werd verboden en protestantse literatuur moest in het openbaar verbrand worden. Toen Adriaan in 1523 paus was, werden de eerste protestantse monniken in West-Europa (Brussel) op de brandstapel gezet. Daarnaast vaardigde hij wetten uit die de heksenvervolging een nieuwe impuls moesten geven. Gruwelijke gebeurtenissen die later op grote schaal navolging zouden krijgen.
De worsteling van Adriaan met zichzelf en de tijdsgeest
Het standbeeld van Paus Adriaan staat op een stevige sokkel. De indruk die Anno Dijkstra tijdens het ontwerpproces kreeg was dat Adriaan iemand was ´die streed met fundamentele krachten´. Tegelijkertijd staat het standbeeld ook op grote houten wiggen. Deze wiggen kunnen gezien worden als ´spreekwoordelijke aanhalingstekens´. Ze verwijzen naar het huidige ´standbeeld-debat´ en werpen de vraag op wanneer we iemand met een standbeeld zouden moeten 'vereeuwigen'.
De vraag wat het ´juiste' is, lijkt ook een thema waar Adriaan mee leek te worstelen. In brieven schreef hij regelmatig dat hij liever proost (een kerkelijke functie) in Utrecht was gebleven, en dat hij zijn functie als paus als een zware last ervaarde. Het opschrift bij het graf van Adriaan geeft zijn uitspraak weer ´Ach wee, wat maakt het toch veel uit in welke tijd de deugd van zelfs de beste man valt!´
Als we één ding uit Adriaans levensverhaal kunnen leren, dan is het wel dat we als mens in het leven voor grote en complexe uitdagingen kunnen komen te staan. Adriaan werd geconfronteerd met een wereld die in brand stond, de grootste crisis in lange tijd. Een wereld vol verandering en conflicten. De dreiging van een inval uit het oosten, een corrupt bestuursapparaat en teistering door pestepidemieën. Het was de tijd waarin de feodale samenleving veranderde in een burgerlijke maatschappij. De boekdrukkunst en moderne wetenschap vormden de motor van grote maatschappelijke veranderingen en polarisatie. In die chaotische wereld werd er op Adriaan een beroep gedaan. En ik denk dat de vraag niet moet zijn of we Adriaan wel of niet moeten vereren, maar wat we van deze man en die tijd juist kunnen leren.
Bronnen:
Twan Geurts(2017) - De Nederlandse Paus
Barbara Tuchman (1985) - The March of the Folly
Ewald Vanvugt (2015) - Roofstaat
Anno Dijkstra over zijn ontwerp
Lees ook mijn blog: 2000 jaar Utrecht in 2 minuten














